Tabor en Calvarië

Tabor-en-calvarië-olvternood

Op deze tweede zondag van de Veertigdagentijd horen wij dat Jezus op een hoge berg, waarschijnlijk de berg Tabor, voor de ogen van drie van zijn leerlingen van gedaante verandert en in heerlijkheid verschijnt, samen met Mozes en Elia, de vertegenwoordigers van het Oude Testament (de Wet en de Profeten). We horen deze lezing uit het evangelie elk jaar op de tweede zondag van de Veertigdagentijd. Bovendien heeft de Gedaanteverandering van de Heer een eigen feestdag, en wel op 6 augustus. Dit grote moment van intense vreugde en heerlijkheid horen wij dus elk jaar twee keer. Hoewel het maar om een kort moment gaat is het toch een heel belangrijk moment. De leerlingen horen een stem uit de wolk die zegt: “Dit is mijn Zoon, de Welbeminde, in wie Ik mijn behagen heb gesteld; luistert naar Hem.” Het zijn dezelfde woorden die klonken bij de doop van Jezus in de Jordaan. (Mt. 3,17) De leerlingen worden op de berg Tabor dus opnieuw bevestigd in hun geloof in Jezus, de Zoon van God.

Deze bevestiging hebben zij hard nodig, want korte tijd later zullen zij getuige zijn dat hun Meester een andere berg bestijgt, de berg Calvarië. Deze berg Calvarië is het toppunt van lijden, onrecht en dood als gevolg van de zonde van de mensen, precies het tegenovergestelde dus van de berg Tabor. Jezus, die weet wat er komen gaat, spreekt zijn leerlingen op Tabor moed in met de woorden: “Staat op en weest niet bang.” Op Calvarië lijkt het of de hele zending van Jezus, die de leerlingen drie jaar lang van nabij hebben meegemaakt, uiteindelijk toch nog uitdraait op een totale mislukking: Geen verkondiging meer, geen wonderen meer, geen aanzien bij de mensen, alles verloren. Even lijkt het of de duivel, die Jezus bij de aanvang van zijn openbaar leven in de woestijn tevergeefs had verleid tot het afzien van zijn zending, toch nog gewonnen had. Maar zo is het niet. Met zijn verrijzenis heeft Jezus de macht van het Kwaad definitief overwonnen, en ook voor ons allen die in Hem geloven de weg naar het eeuwig leven in de hemel open gemaakt.

Deze ervaring heeft alles te maken met ons eigen leven als navolgers van Christus. Ook wij maken vreugdevolle momenten mee van intens licht en rotsvaste zekerheid. Denken wij maar aan het vinden van onze roeping, onze levensweg, in het huwelijk, het priesterschap of het religieuze leven, of anderszins. Het lijkt wel of het altijd zo zal blijven en het nooit meer stuk kan gaan. Gewoonlijk echter duren die belangrijke en beslissende momenten maar kort. Drie tenten bouwen op de hoge berg, zoals Petrus voorstelt, is er niet bij. We hebben deze vreugdevolle momenten van grote zekerheid wel nodig om te kunnen blijven geloven, ook als we niet zien, als het lijkt of alle blijdschap en zekerheid van het begin verdwenen zijn, als ook wij Jezus volgen door ons kruis op te nemen. (Mt. 16,24) Als het lijkt alsof ons huwelijk, ons priesterschap, of welke roeping dan ook, zonder inhoud en zonder betekenis is geworden, is het moment vaak daar om het leven te hervinden, en te ontdekken: God laat mij nooit in de steek en leidt mij naar het nieuwe Jeruzalem, waar Hij alle tranen van mijn ogen zal afwissen, en de dood niet meer zal zijn. (Openb. 21,2.4) Dus ook voor ons geldt: “Wees niet bang maar blijf geloven.” (Mc. 5,36)

Pater Gerard Wijers s.s.s., Amsterdam

Delen

Lid van de congregatie van Sacramentijnen is pater Wijers woonachtig in de in Amsterdam bij de Begijnhof en assisteert heel regelmatig op het heiligdom.

Vorige weekbrieven