Onbevlekte Ontvangenis van Maria

olv-ter-nood-heiloo-onbevlekte-ontvangenis-maria-rubens

Afgelopen maandag 9 december vierden we het Hoogfeest van de Onbevlekte Ontvangenis van Maria. De datum van dit Hoogfeest is 8 december, maar omdat 8 december dit jaar op de Tweede Zondag van de Advent viel, is het verplaatst naar maandag 9 december. De Onbevlekte Ontvangenis van Maria houdt in dat Maria vanaf het prille begin van haar bestaan, de ontvangenis in de schoot van haar moeder Anna, de erfzonde niet gekend heeft. In de Bijbel vinden we hierover niets vermeld. Onder de kerkvaders echter vond het gebruik ingang om de Moeder van God volkomen heilig en vrij van elke zondesmet te noemen, als het ware door de heilige Geest gevormd en tot een nieuw schepsel gemaakt. (Lumen Gentium 56). Binnen de geloofsgemeenschap groeide eveneens de overtuiging dat Maria, om haar opdracht te kunnen vervullen, vrij moest zijn van de erfzonde. Deze overtuiging kreeg na het Concilie van Trente (1545 – 1563) grote algemene verbreiding binnen de Kerk. We herinneren ons dat op ons heiligdom in de nacht van 8 op 9 december 1713 (de nacht van de Onbevlekte Ontvangenis van de H. Maagd Maria) plotseling water opspoot uit de gedempte put. Het rundvee dat ervan dronk genas van de toen heersende veepest. Het gebed van de noodlijdende boeren werd verhoord.

Op 8 december 1854 kondigde paus Pius IX (1846 – 1878) met zijn bul “Ineffabilis Deus” (De onuitsprekelijke God) het dogma af van de Onbevlekte Ontvangenis van de H. Maagd Maria. Daarmee bevestigde hij de verkondiging van de oude kerkvaders en het volksgeloof in later eeuwen, en voegde hij het leerstuk van de Onbevlekte Ontvangenis van de H. Maagd Maria toe aan de geloofsschat van onze R.K. Kerk. Kort daarna, tussen 11 februari 1858 en 16 juli 1858 verscheen Maria achttien maal in het Franse Lourdes in de grot van Massabielle aan de toen 14-jarige Bernadette Soubirous. Het meisje vertelde aan de pastoor vol vuur wat haar overkomen was. Deze wist niet wat hij ervan denken moest en liet Bernadette aan de verschijning vragen hoe zij heette. Na lang aandringen van Bernadette maakte Maria zich op 25 maart 1858 bekend met de woorden: “Que soy era immaculada conceptiou”. Dat is het Lourds dialect voor: “Ik ben de Onbevlekte Ontvangenis”. Toen Bernadette dit overbracht aan haar pastoor begreep deze dat het inderdaad ging om een verschijning van de H. Maagd Maria, want Bernadette kon deze woorden die zij onderweg voortdurend bij zichzelf herhaalde, niet begrijpen. Lourdes is tot op de dag een van de grotere Maria-bedevaartplaatsen waar mensen nog altijd in geneeskrachtig water een bad kunnen nemen, of dat water mee naar huis nemen. In de grot van Massabielle, waar de verschijningen plaatsvonden, staat een beeld van Maria zoals Bernadette haar heeft omschreven, met daaronder de genoemde tekst in het Lourds dialect. Een stuk steen uit die grot is verwerkt in de voet van het Mariabeeld in onze Genadekapel. Bovendien staat er bij de vijver in het park een Mariabeeld, zoals dat staat in de grot van Massabielle in Lourdes, compleet met de tekst in het Lourds dialect eronder: “Ik ben de Onbevlekte Ontvangenis”

Pater Gerard Wijers s.s.s., Amsterdam

Delen

Lid van de congregatie van Sacramentijnen is pater Wijers woonachtig in de in Amsterdam bij de Begijnhof en assisteert heel regelmatig op het heiligdom.

Vorige weekbrieven