Een stukje geschiedenis

Zo rond het feest van Onze Lieve Vrouw Ter Nood en met de restauratiewerkzaamheden in de Genadekapel, lijkt het me mooi om wat pagina’s uit de geschiedenis van ons mooie Heiligdom met u te delen, in het bijzonder over het “herrijzen” van het Heiligdom zoals wij dat kennen. Dat is namelijk een bijzonder verhaal, geleid door de hand van Maria. Het volgzame instrument in Maria’s hand was een Alkmaarse margarinefabrikant genaamd Gerrit van den Bosch.
Zoals u misschien wel weet, werd de eerste Genadekapel in 1573 verwoest door de geuzen. Dit kon echter de devotie niet stoppen: pelgrims bleven af en aan stromen om Maria te vereren bij de ruïnes van haar kapel. Daarom werden in 1637 ook de laatste resten geheel afgebroken en de stenen in de put gegooid. Ook dit had niet het gewenste effect. Men wist: kapel of geen kapel, dit is de plek waar Maria bij ons wil zijn en naar onze gebeden wil luisteren! En dus bleef de bevolking hier hun noden bij Onze Lieve Vrouw brengen. Zo ook in 1713 ten tijde van de veepest, toen het bekende wonder plaatsvond. Uit de gedempte put borrelde opnieuw water en de dieren die ervan dronken werden gespaard. Langzaamaan kwam er meer vrijheid voor de katholieken en namen de bedevaarten en processies toe, tot grote ergernis van de protestantse medeburgers. Die kregen het voor elkaar dat in 1830 de overheid de bedevaarten opnieuw verbood, en nu met succes: langzaam raakte de plaats in de vergetelheid.
Nu komen we aan bij Gerrit van den Bosch, geboren in 1857. Hij kende de verhalen van zijn vader over de bedevaarten naar de verdwenen Mariakapel in Heiloo. In 1904 bezocht hij de plek zelf. Dat bezoek maakte zo’n indruk op hem dat hij er vervolgens zijn levenswerk van maakte het Heiligdom nieuw leven in te blazen. Daar was veel inspanning voor nodig, want hoe vind je een verloren Mariakapel terug? Juist, door de omgeving af te graven. Door oude beschrijvingen en kaarten, gecombineerd met de mondelinge overlevering van boeren in de omgeving, kwam de locatie ongeveer in beeld. Daarna kreeg hij de boeren zo ver om zich, in de periode dat er niet veel werk op het land was, in te zetten voor de opgravingen. Op 13 maart 1905 begon het graven en na een week was het raak: men stootte op de fundamenten van de put! Deze werd als eerste in ere hersteld.
Op de plek waar de oorspronkelijke kapel had gestaan, werd provisorisch een devotiekruis neergezet. Van het houten beeldje was echter nog geen spoor gevonden… Dus werd aan de hand van oude tekeningen en gravures een nieuw Mariabeeld gemaakt, wat in een eenvoudig houten huisje stond te wachten op onderdak in de nieuw te bouwen kapel. Misschien heeft u het al herkend van de foto: het is het beeld wat, inmiddels geschilderd, nog steeds in de Genadekapel vereerd wordt!
Wegens ruimtegebrek zullen we het verhaal hier moeten onderbreken. In volgende edities zullen we verder ingaan op de avonturen van “ome Gerrit”, zoals hij door de omgeving al snel genoemd werd. Hij had nog vele obstakels te overwinnen totdat het Heiligdom de grootte en de luister kreeg die het nu heeft!
Laten we voor nu een voorbeeld nemen aan deze bewonderenswaardige man. Zijn liefde tot Maria bracht hem ertoe geld nog inspanningen te sparen om haar eer te herstellen op deze door haarzelf uitgekozen plek. Moge hij vanuit de hemel onze voorspreker zijn, opdat Onze Lieve Vrouw ter Nood hier nog door vele generaties geëerd zal worden.
M. Laetitia Dei
Recent Sermons

Pinksteren: Kom Heilige Geest!
mei 23, 2026

Hemelvaart, Maria en Pinksteren
mei 09, 2026

Goede herders
april 26, 2026

