AARDE

DE DERDE DAG – ELLEN RIJSDORP & MARISKA MALLEE


Uit de Bijbel


En God zei: “Het water onder de hemel moet naar één plaats samenvloeien, zodat het droge zichtbaar wordt. [ ]” “Het land moet zich tooien met jong groen gras, zaadvormend gewas en vruchtbomen die ieder naar zijn soort hun vruchten dragen, met zaad erin. Zo gebeurde het. [ ]” En God zag dat het
goed was. Het werd avond en het werd ochtend: dat was de derde dag.
(Gen. 1, 9-13)

REFLECTIE

In de eerste drie scheppingsdagen is God vooral aan het scheiden. Hij scheidt het licht van het donker, het water van boven van het water van beneden en op de derde dag scheidt hij water en land. Het water stroomt samen in de zeeën en het droge land wordt zichtbaar. Nu is er ook leven op het land mogelijk.

De Aarde was ongeveer vier miljard jaar oud, toen het allereerste plantaardige leven de zee verliet en zich op het droge wist te vestigen. Wat een wonder, wat veel aanpassingen waren er nodig voor de overgang van leven in het water naar leven op het droge. Deze plantaardige kolonisten verrijkten de grond voor de planten die de Aarde met groen zouden bekleden.

Bijbels gezien horen de planten bij de aarde. In het zondvloed verhaal gaan er geen zaden mee in de ark. Na het zakken van het water komt het groen vanzelf terug, zoals de olijftak, die de duif meebrengt, laat zien (Gen 8, 11). Je zou het als de taak van de aarde kunnen beschouwen om jong groen, zaadvormende gewassen en bomen met zaaddragende vruchten voort te brengen, als voedsel
voor mensen en dieren. Zaad is belangrijk. Het geeft het leven door naar zijn soort, generatie op generatie.

Het land moet zich tooien…Het woord ‘tooien’ wijst erop dat het voortbrengen van planten om meer gaat dan het produceren van voedsel. Tooien duidt op schoonheid. De Aarde maakt zich mooi, voor zichzelf, voor God, voor ons om van te genieten.


De Aarde is ons levend huis en voorziet in alles wat we nodig hebben; voedsel, grondstoffen, bouwmateriaal, maar ook schoonheid die onze ziel verheugt. Echter, hoe kan de Aarde ons en onze medeschepselen blijven voeden en hoeden als wij door ons wanbeheer van vervuiling en uitputting, een woestijn van haar maken? Vele planten en dieren worden met uitsterven bedreigd.

Paus Franciscus schrijft in de encycliek Laudato si’ “Wij vergeten dat wij zelf uit aarde zijn (Gen 2, 7). Ons lichaam wordt gevormd door de elementen van de planeet; haar lucht geeft ons adem en haar water schenkt ons leven en verkwikt ons.” We keren ook, als stof, naar de aarde terug. Zo stromen we mee in het eeuwig leven.

door Marjolein Tiemens-Hulscher, GroenGeloven


VAN DE KUNSTENAARS

ELLEN RIJSDORP

www.ellenrijsdorp.nl

MARISKA MALLEE

www.mariskamallee.nl

PANTA RHEI

Betekenis: “Alles stroomt”
(van de filosoof Heraclitus)

“Bomen en planten zijn regenvangers. Meer dan ooit zijn wij ons er nu van bewust dat groene begroeiing het (zoete) water vasthoudt en zorgt voor een circulair systeem dat de aarde vruchtbaar houdt. Wordt dit systeem ernstig verstoord, dan rest ons een kale rots- en zandachtige aarde met zoute zeeën die voor de mens onleefbaar zijn. De vruchtbare klei is dan verdwenen.

Met dit werk laten wij zien dat de schepping prachtig, maar niet eeuwig is. In een half jaar tijd zal dit
werk gaan bewegen, stromen en veranderen.

De stapelingen van kokers, kommen en schalen bestaan uit beschilderd handgeschept papier en uit verschillende kleisoorten die op verschillende temperaturen zijn gebakken en zijn
bewerkt met engobe en structuren. De niet-giftige gouache beschildering op het papier is biologisch afbreekbaar en zal door regenwater en dauw steeds veranderen van kleur. De grillige structuren op de klei, de kieren in de stapeling en de gleuven en gaten in de papierenrollen zorgen ervoor dat micro-organismen, schimmels, insecten en dieren zich er gaan huisvesten en zo ook meewerken aan de verandering van de vorm. Hiermee laten we het circulaire van de aarde zien en maken we
zichtbaar dat niets blijvend is, alles stroomt en steeds weer een nieuwe vorm krijgt.”

OVER HET KUNSTWERK

door Joris Brussel, Stadsdichter en Columnist

NIETS BLIJFT

Niets blijft. Alles stroomt en krijgt steeds weer een nieuwe vorm. Deze gedachtegang van de kunstenaars achter dit werk is kunst op zichzelf. Het circulaire van de aarde herbergt ergens voor mij de kern van de schepping. En misschien wel de voornaamste reden dat ik niet gelovig ben. De natuur is zo weerbaar, weerbarstig en vernuftig dat ik niet geloof dat er een schepper kan zijn die machtig genoeg is om te hebben gecreëerd. Moeder Aarde als grondlegger van alle natuur. Daar geloof ik persoonlijk in. Dat neemt niet weg dat ik niet opensta voor mensen die geloven in een schepping. Maar dat maakt dit werk voor mij wel bijzonder.

Niet alleen schenkt het letterlijk nieuw leven, door materialen af te breken, nieuwe kleuren te geven te veranderen en opnieuw op te bouwen. Maar het schuurt ook tussen wat ik denk te geloven over creatie en schepping tegenover het scheppingsverhaal waar miljoenen mensen hun oorsprong uit putten.
En dat alles in een kunstwerk dat ‘op papier’ niet meer is dan een boom met daaromheen een opeenstapeling van kokers, kommen en schalen. Maar in de praktijk is het tot creatie gebrachte de wezenlijkheid van mijn eigen vraagstuk wat betreft wie de natuur en alles om ons heen geschapen heeft.

Een bijna emotionele ervaring. Die uiteindelijk weer wegebt en vervaagt wanneer ik door de drukte van de dag langzaam vergeet over het bestaan van de boom met de kokers, kommen en schalen. Terwijl de voor mij logische verklaring dat de natuur als vanzelfsprekend door geografische
en meteorologische verschijnselen is ontstaan, langzaam in mijn onderbewustzijn van vorm verandert. Net als de kokers, kommen en schalen van klei, handgeschept papier en andere materialen die door de natuur afgebroken worden of van vorm veranderen.