Dagelijks Brood 27 augustus t/m 1 september 2018

marteldood-heilige-johannes-de-doper-olv-ter-nood-heiloo

Dagelijks Brood is een klein boekje met de lezingen van de dagen door de week. Zodat u, ook wanneer u op doordeweekse dagen naar de H. Mis gaat, de lezingen, het Woord van God, goed kunt volgen. De titel is ontleend aan een Italiaanse uitgave (Pane Quotidiano) van de gemeenschap Paus Johannes XXIII, gesticht door de dienaar Gods Don Oreste Benzi.

Dat het Woord van God u extra mag raken en voeden op deze wijze!

Lezingen van maandag 27 augustus t/m zaterdag 1 september 2018, 21e week door het jaar

U kunt hier deze week downloaden in PDF.

Maandag 27 augustus – H. Monica

Eerste lezing (2 Tess. 1, 1-5.11b-12)
Van Paulus, Silvanus en Timóteüs aan de christengemeente van Tessalonica, die is in God onze Vader en de Heer Jezus Christus. Genade voor u en vrede vanwege God onze Vader en de Heer Jezus Christus! Broeders en zusters, wij voelen ons verplicht God telkens opnieuw voor u te danken. En niet zonder reden uw geloof groeit krachtig, steeds groter wordt onder u de liefde van allen voor allen. Wij roemen dan ook over u in de gemeenten van God, omdat uw geloof stand houdt onder al de vervolgingen en verdrukkingen, die gij moet verduren. Voor ons is dit een voorteken van Gods rechtvaardig oordeel: zo wordt gij het koninkrijk van God waardig gekeurd, waarvoor gij nu te lijden hebt. Dat God u zijn roeping waardig maakt en al uw goede voornemens en elke daad van uw geloof met macht tot volkomenheid brengt. Dan zal de Naam van onze Heer Jezus in u verheerlijkt worden – en gij in Hem – door de genade van onze God en de Heer Jezus Christus.

Tussenzang (Ps. 96/95)
Refrein: Meldt aan de naties zijn heerlijkheid, zijn wondere daden aan alle volken.
Zingt voor de Heer een nieuw gezang, zingt voor de Heer, alle landen. Zingt voor de Heer en verheerlijkt zijn Naam, verkondigt zijn heil alle dagen.
Meldt aan de naties zijn heerlijkheid, zijn wondere daden aan alle volken. Want machtig en onvolprezen is Hij en meer te duchten dan alle goden. De goden der volken zijn maaksels van mensen, maar Hij is de Schepper van het heelal.

Vers voor het evangelie (cf. Hand. 16, 14b)
Alleluia. Maak ons hart ontvankelijk, Heer, en dat wij ons richten naar het woord van uw Zoon. Alleluia.

Evangelie (Mt. 23, 13-22)
In die tijd sprak Jezus: “Wee u, schriftgeleerden en Farizeeën, huichelaars! Gij sluit het Rijk der hemelen af voor de mensen; zelf gaat gij er niet binnen, terwijl gij hun, die dit wel willen, de toegang verspert. Wee u, schriftgeleerden en Farizeeën, huichelaars! Gij doorkruist zee en land om één bekeerling te maken, maar als hij het geworden is, maakt gij hem tot een hellekind, tweemaal erger dan gijzelf! Wee u, blinde leiders, die zegt: Als iemand zweert bij de tempel, dan betekent dat niets; maar als iemand zweert bij het goud van de tempel, dan is hij gebonden. Dwazen en blinden! Wat staat dan hoger: het goud, of de tempel, die het goud heilig maakt? Of gij die ook zegt: Als iemand zweert bij het altaar, dan betekent dat niets; maar als iemand zweert bij de offergave, die er op ligt, dan is hij gebonden. Blinden! Wat staat hoger de offergave, of het altaar dat de offergave heilig maakt? Wie dus zweert bij het altaar, zweert daarbij, en bij alles wat er op ligt. En wie zweert bij de tempel, zweert daarbij, en bij Hem die erin woont. En wie zweert bij de hemel, zweert bij de troon van God, en bij Hem die erop zetelt.”

Dinsdag 28 augustus – H. Augustinus, bisschop en kerkleraar

Eerste lezing (2 Tess. 2, 1-3a.14-17)
Broeders en zusters, wij moeten u verzoeken in verband met de komst van onze Heer Jezus Christus en onze hereniging met Hem niet zo gauw uw bezinning te verliezen, en u niet te laten opschrikken door profetieën, uitspraken of brieven, die van ons afkomstig zouden zijn, en die beweren dat de dag van de Heer is aangebroken. Laat u door niemand iets wijsmaken! God heeft u geroepen door onze verkondiging van het evangelie, opdat gij de heerlijkheid van onze Heer Jezus Christus zoudt verwerven. Dus, broeders en zusters, staat vast en houdt u aan de overleveringen waarin gij door ons zijt onderwezen, hetzij mondeling, hetzij schriftelijk. Moge de Heer Jezus Christus zelf, moge God, onze Vader, die ons zijn liefde heeft betoond, en ons in zijn genade eeuwige troost en blijde hoop heeft geschonken, uw harten bemoedigen en sterken met alle goeds, in woord en daad.

Tussenzang (Ps. 96/95)
Refrein: Rechtvaardig zal de Heer de wereld regeren.
Zegt tot elkander: de Heer regeert! Onwrikbaar heeft Hij de aarde geschapen, de volken bestuurt Hij met billijkheid.
Dan straalt de hemel en jubelt de aarde, de zee neuriet mee met al wat daar leeft; de velden zwaaien met al hun gewassen, de woudreuzen buigen hun kruin.
Zij juichen de Heer toe, omdat Hij komt, Hij komt als koning der aarde. Rechtvaardig zal Hij de wereld regeren, de volkeren eerlijk en trouw.

Vers voor het evangelie (Mt. 4, 4b)
Alleluia. Niet van brood alleen leeft de mens, maar van alles wat uit de mond van God voortkomt. Alleluia.

Evangelie (Mt. 23, 23-26)
In die tijd sprak Jezus: “Wee u, schriftgeleerden en Farizeeën, huichelaars! Gij betaalt wel tienden van munt, anijs en komijn, maar het gewichtigste van de Wet: rechtvaardigheid, barmhartigheid en trouw, verwaarloost ge. Het ene moet men doen en het andere niet nalaten. Blinde leiders, die de mug uitzift en de kameel doorslikt! Wee u, schriftgeleerden en Farizeeën, huichelaars! De buitenkant van beker en schotel maakt ge schoon, maar van binnen zijn ze gevuld met roof en genotzucht. Blinde Farizeeën, reinigt eerst de beker van binnen, dan wordt de buitenkant vanzelf rein.”

Woensdag 29 augustus – Marteldood van H. Johannes de Doper

Eerste lezing (2 Tess. 3, 6-10.16-18)
Broeders en zusters, wij bevelen u in de Naam van de Heer Jezus Christus, iedere broeder te mijden, die arbeid schuwt en niet leeft volgens de overlevering, die gij van ons hebt ontvangen. Hoe gij ons moet navolgen is u bekend; wij hebben bij u geen werk geschuwd en niemands brood om niet gegeten. Dag en nacht hebben wij gearbeid, met veel inspanning en moeite om niemand van u tot last te zijn. Niet dat wij er geen recht toe hebben, maar wij wilden een voorbeeld geven ter navolging. Ook toen wij bij u waren, hielden wij u telkens deze regel voor: als iemand niet wil werken, zal hij ook niet eten. De Heer van de vrede, Hij geve u de vrede, altijd en op allerlei wijzen. De Heer zij met u allen. Deze groet schrijf ik, Paulus, met eigen hand. Dit is een waarmerk in elke brief. Zo is mijn handschrift. De genade van onze Heer Jezus Christus zij met u allen.

Tussenzang (Ps. 128/127)
Refrein: Gelukkig die godvrezend zijt.
Gelukkig die godvrezend zijt, de weg des Heren gaat. Ge zult de vrucht van eigen arbeid eten, tevreden en voorspoedig zult ge zijn.
Ja, zo wordt elke man gezegend, die eer geeft aan de Heer. U zegene de Heer uit Sion; moogt gij Jeruzalem welvarend zien zolang uw dagen duren.

of:

Eerste lezing (Jer. 1, 17-19)
In die dagen kwam het woord van de Heer tot mij: „Omgord uw lenden; sta op en zeg tot het volk alles wat Ik u opdraag. Laat u door hen niet afschrikken; anders jaag Ik u voor hun ogen de schrik op het lijf. Ikzelf maak u heden tot een versterkte stad, een ijzeren zuil, een koperen muur tegenover het hele land, voor de koningen en edelen van Juda, de priesters en de burgers van het land. Zij zullen u bestrijden, maar niets tegen u vermogen. Want Ik ben bij u om u te redden.”

Tussenzang (Ps. 71/70)
Refrein: Ik zal uw rechtvaardigheid prijzen.
Tot U, Heer, neem ik mijn toevlucht, stel mij toch nimmer teleur. Gij zijt rechtvaardig, red en bevrijd mij, luister en kom mij te hulp.
Wees mij een vluchtoord, een veilige plaats; mijn rots en mijn burcht zijt Gij altijd geweest. Bevrijd mij, mijn God, uit de handen der zondaars, de vuist die mij wreed omklemt.
Want Gij, mijn God, Gij zijt mijn verwachting, mijn hoop zijt Gij, Heer, sinds mijn vroegste jeugd. Vanaf de moederschoot steun ik op U, Gij waart mijn beschermer sinds mijn geboorte, op U heb ik altijd vertrouwd.
Ik zal uw rechtvaardigheid prijzen, uw bijstand de hele dag. Van jongsaf heb ik het ondervonden, en nu nog prijs ik uw daden.

Vers voor het evangelie (Mt. 5, 10)
Aleluia. Zalig die vervolgd worden om de gerechtigheid, want hun behoort het Rijk der hemelen. Alleluia.

Evangelie (Mc. 6, 17-29)
In die tijd had Herodes Johannes laten grijpen en in de gevangenis in boeien geslagen omwille van Herodias, de vrouw van zijn broer Filippus, want hij had haar tot vrouw genomen. Johannes had immers tot Herodes gezegd: „Het is u niet geoorloofd de vrouw van uw broer te hebben.” Herodias was daarom op hem gebeten en wilde hem doden, maar zij kreeg geen kans want Herodes had ontzag voor Johannes. Hij wist dat hij een rechtschapen en heilig man was en nam hem in bescherming. Telkens wanneer hij hem gehoord had verkeerde hij in tweestrijd maar toch luisterde hij graag naar hem. Er kwam echter een gunstige dag, toen Herodes bij zijn verjaardag een maaltijd aanrichtte voor zijn hoogwaardigheidsbekleders, zijn hoofdofficieren en de vooraanstaanden van Galilea. De dochter van Herodias trad op met een dans en zij beviel aan Herodes en zijn tafelgenoten. De koning zei tot het meisje: „Vraag me wat je wilt en ik zal het je geven.” En hij bevestigde haar met een eed: „Wat je me ook vraagt, ik zal het je geven al is het de helft van mijn koninkrijk.” Zij ging naar buiten en vroeg aan haar moeder: „Wat zou ik vragen?” Deze antwoordde: „Het hoofd van Johannes de Doper.” Zij haastte zich naar binnen, naar de koning en zei hem haar verlangen: „ Ik wil dat u mij op staande voet op een schotel het hoofd van Johannes de Doper geeft.” Dit deed de koning leed, maar om zijn eed gestand te doen en ook wegens zijn tafelgenoten wilde hij haar niet afwijzen. Terstond stuurde de koning dus een lijfwacht en gelastte hem het hoofd van Johannes te brengen. De man ging en onthoofdde hem in de gevangenis. Hij bracht het hoofd op een schotel en gaf het aan het meisje; het meisje gaf het weer aan haar moeder. Toen zijn leerlingen er van gehoord hadden kwamen ze zijn lijk halen en legden het in een graf.

Donderdag 30 augustus

Eerste lezing (1 Kor. 1, 1-9)
Van Paulus, door Gods wil geroepen tot apostel van Christus Jezus, en van onze broeder Sóstenes, aan de kerk Gods te Korinte, aan hen die, geheiligd in Christus Jezus, tot een heilig leven zijn bestemd, samen met allen, die allerwegen de Naam aanroepen van Jezus Christus, hun Heer en de onze. Genade en vrede voor u vanwege God onze Vader en de Heer Jezus Christus! Steeds weer zeg ik God dank voor zijn genade, die u in Christus Jezus is gegeven. Want in Christus zijt gij, naarmate zijn getuigenis bij u ingang vond, in ieder opzicht rijk begiftigd met alle gaven van woord en kennis. Op dit punt komt gij niets te kort, terwijl gij vol verwachting uitziet naar de openbaring van onze Heer Jezus Christus. Hij zal u ook doen standhouden tot het einde, zodat u geen blaam treft op de dag van onze Heer Jezus. God is getrouw, die u geroepen heeft tot gemeenschap met zijn Zoon, onze Heer Jezus Christus.

Tussenzang (Ps. 145/144)
Refrein: U wil ik loven, mijn God en Koning, uw Naam verheerlijken voor altijd.
U wil ik prijzen iedere dag, uw Naam verheerlijken voor altijd. De Heer is groot en alle lof waardig, zijn grootheid is niet te doorgronden.
Uw daden verhaalt geslacht aan geslacht, uw macht wordt alom verkondigd. Men spreekt van uw luister en majesteit, verspreidt de faam van uw wonderdaden.
Uw huiveringwekkende macht wordt vermeld, uw grootheid door ieder geprezen. Zij zingen de lof van uw grote mildheid en juichen om uw rechtvaardigheid.

Vers voor het evangelie (cf Lc. 8, 15)
Alleluia. Zalig zij, die het Woord Gods dat zij hoorden, in een goed en edel hart bewaren en vrucht voortbrengen door hun standvastigheid. Alleluia.

Evangelie (Mt. 24, 42-51)
In die tijd zei Jezus tot zijn leerlingen: “Weest dus waakzaam, want gij weet niet op welke dag uw Heer komt. Begrijpt dit wel: als de eigenaar van het huis wist op welk uur van de nacht de dief zou komen, zou hij blijven waken en in zijn huis niet laten inbreken. Weest ook gij dus bereid, omdat de Mensenzoon komt op het uur waarop gij het niet verwacht. Wie is dus de trouwe en verstandige knecht, die de heer over zijn dienstvolk heeft aangesteld om hun op tijd het eten te geven? Gelukkig die knecht als de heer bij zijn komst hem daarmee bezig vindt. Voorwaar, Ik zeg u: hij zal hem aanstellen over alles wat hij bezit. Maar is die knecht slecht en zegt hij bij zichzelf: mijn heer blijft nog wel een poosje weg, en begint hij de andere knechten te slaan en eet en drinkt hij met dronkaards, dan zal de heer van die knecht komen op een dag waarop hij het niet verwacht, en op een uur dat hij niet kent; en hij zal hem vierendelen en hem het lot doen delen van de huichelaars. Daar zal geween zijn en tandengeknars.”

Vrijdag 31 augustus

Eerste lezing (1 Kor. 1, 17-25)
Broeders en zusters, Christus heeft mij niet gezonden om te dopen. Hij heeft mij gezonden om het evangelie te verkondigen, en dat niet met fraaie en geleerde woorden; anders zou het kruis van Christus zijn kracht verliezen. De prediking van het kruis namelijk is een dwaasheid voor hen, die verloren gaan, maar voor hen die gered worden, voor ons, is zij een goddelijke kracht. Er staat immers geschreven: “Verdelgen zal Ik de wijsheid der wijzen en het verstand der verstandigen zal Ik tenietdoen. De wijze, de geleerde, de redetwister van deze tijd, waar zijn zij? Heeft God de wijsheid van de wereld niet tot dwaasheid gemaakt? In Gods wijsheid heeft de wereld met al haar wijsheid God niet gevonden; daarom heeft God besloten hen die geloven te redden door de dwaasheid van de verkondiging. Joden eisen wonderen, Grieken verlangen wijsheid. Maar wij verkondigen een gekruisigde Christus, voor Joden een aanstoot, voor heidenen een dwaasheid; maar voor hen die geroepen zijn, Joden zowel als Grieken, is die Christus Gods kracht en Gods wijsheid. Want de dwaasheid van God is wijzer dan de mensen en de zwakheid van God is sterker dan de mensen.

Tussenzang (Ps. 33/32)
Refrein: De aarde is vol van de mildheid des Heren.
Jubelt, gerechtigen, voor de Heer, wie vroom is dient Hem te loven. Eert dan de Heer met citerspel, en speelt voor Hem op de harp.
Oprecht is immers het woord van de Heer en al wat Hij doet is betrouwbaar. Recht en gerechtigheid heeft Hij lief, de aarde is vol van zijn mildheid.
Plannen van naties doet Hij teniet, verijdelt wat volken beramen. Eeuwig blijft staan het plan van de Heer, wat Hij heeft beraamd geldt voor alle geslachten.

Vers voor het evangelie (Joh. 6, 64b.69b)
Alleluia. Uw woorden, Heer, zijn geest en leven; uw woorden zijn woorden van eeuwig leven. Alleluia.

Evangelie (Mt. 25, 1-13)
In die tijd hield Jezus zijn leerlingen deze gelijkenis voor: “Het zal met het Rijk der hemelen zijn als met tien meisjes die met hun lampen uittrokken, de bruidegom tegemoet. Vijf van hen waren dom, de andere vijf verstandig. Want de dommen namen wel hun lampen mee, maar geen olie; de verstandigen echter namen met hun lampen tevens kruiken olie mee. Toen nu de bruidegom op zich liet wachten dommelden zij allen in en sliepen. Maar midden in de nacht klonk er geroep: Daar is de bruidegom! Trekt hem tegemoet! Meteen waren al de meisjes wakker en maakten hun lampen in orde. De dommen zeiden tegen de verstandigen: Geeft ons wat olie, want onze lampen gaan uit. Maar de verstandigen antwoordden: Neen, er mocht eens niet genoeg zijn voor ons en jullie samen. Gaat liever naar de verkopers en haalt wat voor jezelf. Maar terwijl zij onderweg waren om te gaan kopen kwam de bruidegom, en die klaar stonden traden met hem binnen om bruiloft te vieren; en de deur ging op slot. Later kwamen ook de andere meisjes en zeiden: Heer, heer, doe open! Maar hij antwoordde: Voorwaar, ik zeg u: Ik ken u niet. Weest dus waakzaam, want gij kent dag noch uur.”

Zaterdag 1 september

Eerste lezing (1 Kor. 1, 26-31)
Broeders en zusters, denkt aan uw eigen roeping. Naar menselijke maatstaf waren er niet velen geleerd, niet velen machtig, niet velen van hoge afkomst. Nee, wat voor de wereld dwaas is, heeft God uitverkoren om de wijzen te beschamen; wat voor de wereld zwak is, heeft God uitverkoren om het sterke te beschamen; wat voor de wereld van geringe afkomst is en onbeduidend, heeft God uitverkoren; wat niets is, om teniet te doen wat iets is, opdat tegenover God geen mens zou roemen op zichzelf. Dankzij Hem zijt gij in Christus Jezus, die van Godswege heel onze wijsheid is geworden, onze gerechtigheid, heiliging en verlossing. Daarom: zoals er geschreven staat, “als iemand wil roemen laat hem roemen op de Heer.”

Tussenzang (Ps. 33/32) Refrein: Zalig het volk dat de Heer heeft als God, de natie door Hem tot zijn erfdeel gekozen.
Zalig het volk dat de Heer heeft als God, de natie door Hem tot zijn erfdeel gekozen. Hoog uit de hemel schouwt God omlaag, blikt neer op de zonen der mensen.
Maar het is God, die zijn dienaars bewaakt, hen die op zijn gunst vertrouwen. Dat Hij hen redden zal van de dood, bij hongersnood hen zal voeden.
Daarom vertrouwt ons hart op de Heer, is Hij ons een schild en een helper. Daarom is Hij de vreugd van ons hart, zijn heilige Naam onze toevlucht.

Vers voor het evangelie (Joh. 8, 12)
Alleluia. Ik ben het licht der wereld, zegt de Heer; wie Mij volgt zal het levenslicht bezitten. Alleluia.

Evangelie (Mt 25, 14-30)
In die tijd hield Jezus zijn leerlingen deze gelijkenis voor: “Het zal met het Rijk der hemelen zijn als met de man, die bij zijn vertrek naar het buitenland zijn dienaars bij zich riep om hun zijn bezit toe te vertrouwen. Aan de een gaf hij vijf talenten, aan de andere twee, aan een derde één, ieder naar zijn bekwaamheid. Daarna vertrok hij. Die de vijf talenten gekregen had ging er terstond mee werken en verdiende er vijf bij. Zo verdiende ook degene, die de twee gekregen had, er twee bij. Maar die dat ene had gekregen ging een gat in de
grond graven en het geld van zijn heer verbergen. Een hele tijd later kwam de heer van die dienaars terug en hield afrekening met hen. Die de vijf talenten gekregen had trad naar voren en bood nog vijf talenten aan met de woorden: Heer, vijf talenten hebt gij mij toevertrouwd; ziehier, vijf talenten heb ik erbij verdiend. Zijn meester sprak tot hem: Uitstekend, goede en trouwe dienaar, over weinig waart ge trouw, over veel zal ik u aanstellen. Ga binnen in de vreugde van uw heer. Nu trad die van de twee talenten naar voren en zei: Heer, twee talenten hebt gij me toevertrouwd; ziehier, twee talenten heb ik erbij verdiend. Zijn meester sprak tot hem: Uitstekend, goede en trouwe dienaar, over weinig waart ge trouw, over veel zal ik u aanstellen. Ga binnen in de vreugde van uw heer. Tenslotte trad ook die het ene talent had gekregen naar voren en zei: Heer, ik heb ervaren dat gij een hard mens zijt, die oogst waar gij niet gezaaid hebt en binnenhaalt waar gij niet hebt uitgestrooid. Daarom was ik bang en ben uw talent in de grond gaan verbergen. Hier hebt ge uw eigendom terug. Maar zijn meester gaf hem ten antwoord: Slechte en luie knecht, je wist dus dat ik oogst waar ik niet gezaaid heb en binnenhaal waar ik niet heb uitgestrooid? Daarom had je mijn geld bij de bankiers moeten uitzetten; dan zou ik bij mijn komst mijn bezit met rente teruggekregen hebben. Neemt hem dus dat talent af en geeft het aan wie de tien talenten heeft. Want aan ieder die heeft, zal gegeven worden, zelfs in overvloed gegeven worden; maar wie niet heeft, hem zal nog ontnomen worden zelfs wat hij heeft. En werpt die onnutte knecht buiten in de duisternis; daar zal geween zijn en tandengeknars.”

“Uw Woord is een lamp voor mijn voeten, een licht op mijn pad”
(Psalm 119)

Dagelijks Brood is een uitgave van het heiligdom Onze Lieve Vrouw ter Nood
Giften voor het heiligdom zijn van harte welkom
via Ideal op onze doneerpagina
of IBAN NL42 RABO 0120 5023 99
t.n.v. Dioc. Heiligdom Onze Lieve Vrouw ter Nood.
Hartelijk dank voor uw gave.
Verdere info: www.olvternood.nl

share